opc_loader

Meten is meer dan weten

Het meten en vastleggen van de temperatuur is bij laboratoriumovens één van de belangrijkste aspecten. De methode bepaalt de nauwkeurigheid van het meten en daarmee het regelen van de gewenste temperatuur. Ook de gelijkmatigheid ofwel uniformiteit is daarbij van belang. Bovendien wordt de temperatuur vaak gedurende het verwarmingsproces vastgelegd om hiermee een succesvolle warmtebehandeling (ook achteraf) aan te kunnen tonen.

Afhankelijk van het temperatuurbereik zijn er verschillende typen sensoren. Hierbij onderscheiden we thermokoppels en meetweerstanden.

 

Meetweerstanden

De Pt100 is een veelvoorkomende temperatuursensor die gebruikt wordt in de meet- en regeltechniek als onderdeel van een weerstandsthermometer. Een andere, veel gebruikte benaming is RTD, van Resistive Temperature Device, hoewel hier ook andere typen sensors onder vallen.

Van alle industriële temperatuurmetingen wordt 70 procent met een Pt100 uitgevoerd, met name vanwege het grote meetbereik, het nagenoeg lineaire gedrag, de lange levensduur, de nauwkeurigheid en de eenvoudige aansluiting.

Een totaal ander meetprincipe dat niet met een Pt100 verward mag worden is dat van het thermokoppel. Het lineaire verband tussen temperatuur en weerstandswaarde is een belangrijk verschil met de PTC-weerstand.

De afkorting Pt verwijst naar het metaal platina, het materiaal waar de zeer fijne weerstandsdraad in een Pt100 van is gemaakt.
Het getal 100 verwijst naar de elektrische weerstand van 100 ohm (0,1 Kohm), die de sensor bij 0°C heeft.

Er zijn ook andere, nauwkeurigere uitvoeringen zoals
Pt500 : 500 ohm bij 0°C
Pt1000 : 1000 ohm bij 0°C

In onze magneetroerders met verwarming passen we hoofdzakelijk de Pt1000 toe, vanwege de hoge mate van nauwkeurigheid die voor de samples en monsternames in het laboratorium vereist zijn.

 

Thermokoppels

Een thermokoppel is een temperatuursensor die gebruikmaakt van het Seebeck-effect, genoemd naar de Estlandse natuurkundige Thomas Seebeck, die het in 1822 bij toeval ontdekte.

Een thermokoppel bestaat uit twee draden van verschillende metalen of metaallegeringen die aan elkaar zijn verbonden, bij voorkeur door ineensmelting. Als er tussen beide contactpunten een temperatuurverschil heerst zal een potentiaalverschil ontstaan, waarvan de grootte afhankelijk is van het temperatuurverschil en de gebruikte metalen.

Het potentiaalverschil is in de orde van 6 tot 60 microvolt per °C (µV/°C). Door gebruik te maken van dit verschijnsel kan het thermokoppel uitstekend gebruikt worden als sensor voor een temperatuurmeting. Een thermokoppel meet een temperatuurverschil tussen twee punten, dit in tegenstelling tot een thermometer, waarmee de temperatuur ten opzichte van een bepaalde standaard wordt gemeten.

Meettechnisch is het gebruik van een thermokoppel niet eenvoudig vanwege het uiterst kleine signaal, verouderingsverschijnselen, verstoring van het warmteveld en de tijdsconstante van het gemaakte meetpunt. Hoewel in principe met elke combinatie van metalen een thermokoppel gemaakt kan worden, worden combinaties die bij benadering een lineair verband hebben tussen temperatuurverschil en potentiaalverschil het meest gebruikt.

Het thermokoppel type J heeft een bereik tot 1200 °C en het type K tot 1372 °C.
In hoog temperatuur ovens worden thermokoppels van Platina en Rhodium gebruikt tot een bereik
van 1820°C.

 

 

Bron: I.B. Kracht bv

Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Pt100

Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Thermokoppel

 

Winkelwagen
Uw winkelwagen is leeg
Promotie
1.215,00